Alfa-college
Hoogeveen

Iedere week met plezier naar school

‘Ik ben mijn bril vergeten’, ‘ik vul het formulier thuis wel in’, ik heb nu geen tijd, ik lees dit thuis wel door’. Als je niet goed kunt lezen en schrijven, zoek je soms naar uitvluchten zodat anderen dit niet doorhebben. Niet goed kunnen lezen kan ook tot problemen leiden; laaggeletterden kunnen minder goed mee doen in de samenleving. Daarom wil de gemeente Hoogeveen mensen stimuleren om aan taalcursussen mee te doen. Zo financiert de gemeente al een aantal jaar cursussen Nederlands voor laaggeletterden bij het Alfa-college in Hoogeveen.

De gemeente wil ook leren: zij heeft een aantal laaggeletterden gevraagd hoe moeilijke brieven van instanties begrijpelijker en leesbaarder te maken. Wij spraken met twee cursisten van de Nederlandse les en hun docent. Sandra Kroesen en Eddy bij ’t Werk durfden de stap te zetten om weer naar school te gaan, Nienke Hoff zorgt voor een op maat gesneden les voor iedere cursist.

Verslagen maken

Sandra Kroesen heeft een zorgopleiding niveau 2 aan het mbo gedaan, in Apeldoorn. Twaalf jaar geleden is zij naar Hoogeveen verhuisd. “Mijn man Henry Kroesen ging iedere maandagavond naar de cursus Nederlands. Ik merkte dat ik wel wat bijscholing in Nederlands kon gebruiken. Bij mijn werk in de zorg, bij Westerkim in Hoogeveen, moet ik verslagen maken van de zorg aan cliënten. Ik weet dat ik moeite heb met d’s en t’s en ook vind ik lange zinnen moeilijk. Als je niet meer op school zit, zakt de kennis van het Nederlands weg. Daarom wilde ik ook naar de cursus. Het is wel stimulerend om samen met mijn man naar de cursus Nederlands te gaan.”

Sandra zit nu een jaar op les. Samen met veertien anderen krijgt ze onderwijs van Nienke Hoff van het Alfa-college in Hoogeveen. Sandra: “Ik vond het voorlezen in het begin erg spannend. Aan het begin van de les lezen we allemaal een stukje voor uit de krant. Daarna is er een dictee met moeilijke woorden. Verder doen we taalspelletjes en krijgen we theorieles. En iedere cursist krijgt eigen opdrachten, afhankelijk van het niveau van Nederlands.” Ze vervolgt: “We hebben bijna nooit huiswerk. Meestal maken we de opdrachten in de klas. Soms maak ik de opdracht thuis af. Maar ik doe ook extra dingen. Met een paar klasgenoten doen we mee aan een leesclub in de bieb. Dan gaan we met elkaar een boek lezen”, aldus Sandra. “Ik vind het leuk om af en toe een spannend boek te lezen.” Op de vraag wat de cursus haar brengt, zegt ze: Ik heb meer zelfvertrouwen gekregen. Ik durf ‘t ook te zeggen als ik geen bal van een brief begrijp. En de les helpt me ook om minder fouten in de grammatica te maken."

Contacten leggen
Ook Eddy bij ’t Werk maakt deel uit van de klas. “Mijn fysiotherapeut heeft me aangemoedigd om naar taalles te gaan. Na het overlijden van mijn vader was ik erg op mezelf. Door naar taalles te gaan, heb ik contact met anderen gekregen. En ik leer beter lezen en schrijven, wat handig is op mijn werk in de supermarkt in Zuidwolde. Ik vond het in het begin niet zo leuk, het was heel spannend. Maar nu vind ik het wel leuk om naar school te gaan.”

Eddy is er trots op taalambassadeur te mogen zijn: “Dat houdt in dat ik andere mensen stimuleer om ook aan de cursus Laaggeletterdheid mee te doen. Ik leg informatieboekjes bij de huisarts en op andere plekken. Soms komen mensen dan naar mij toe. En zelf stimuleer ik mensen in mijn omgeving ook om naar school te gaan. Ik herken vaak mensen die niet goed kunnen lezen of schrijven omdat ik zelf ook weet welke uitvluchten mensen bedenken. Het is me al een paar keer gelukt mensen naar de cursus te krijgen, zoals bij de man van Sandra.” Sandra Kroesen voegt daaraan toe: “Mijn man heeft veel aan de cursus gehad. Hij heeft nu een goede sollicitatiebrief en cv. Dit heeft geholpen. Hij was lange tijd werkloos maar heeft nu een baan bij DOMO. Daar heeft hij het hartstikke naar zijn zin.”

Onderwijs
Nienke Hoff is docent van de cursus Nederlands. Er zijn verschillende groepen, afhankelijk van het niveau. “De cursus Nederlands is voor mensen die beter de taal willen beheersen, in de breedste zin van het woord. Ook mensen die werken lopen er soms tegenaan dat ze het Nederlands onvoldoende beheersen”, aldus Nienke. “Maar het gaat om veel meer dan alleen taal. Hoe kun je op de computer werken en van welke hulpmiddelen kun je als laaggeletterde slim gebruik maken? Zo is voorlezen door de computer heel handig.”

Nienke vertelt over de opzet van de lessen: “De wekelijkse les duurt twee uur. De cursisten werken individueel aan hun opdrachten. Bij elke cursist kijk ik welke methode het beste aansluit. Maar we beginnen de les altijd gezamenlijk: we bespreken iedere week iets uit de actualiteit. Daarvoor gebruiken we de Startkrant, waar het nieuws op een duidelijke manier wordt uitgelegd. Iedereen leest dan een stukje voor uit de krant. We bespreken dan verschillende onderwerpen, zoals discriminatie en dergelijke.” Ook is er iedere week het ouderwetse dictee. “Dit bestaat uit tien nieuwe moeilijke woorden plus herhalingswoorden. De cursisten schrijven de woorden op in hun schrift. Zo komen er steeds nieuwe woorden bij. Ze kijken de woorden na het dictee zelf na, zodat ze de woorden nog een keer zien en kritisch lezen”, zo vertelt Nienke.

Veel vragen
Na het gezamenlijke gedeelte gaat ieder aan de slag met zijn eigen methode, met oefeningen begrijpend lezen, een samenvatting maken en kernwoorden opschrijven. Er is dan ruim gelegenheid tot het stellen van vragen. Nienke: “Veel opdrachten uit de methode kunnen ze thuis doen. Als ze dingen niet begrijpen, kunnen ze vragen stellen op school. Voor deze cursisten is het belangrijk dat ze iedere week met taal bezig blijven, zodat hun niveau op peil blijft. In de zomervakantie merk ik dat het niveau weer wat wegzakt. Daarom zeg ik altijd: blijf lezen! Zo hebben we rondom de dodenherdenking en Bevrijdingsdag een vereenvoudigde versie van het dagboek van Anne Frank gelezen.”

De cursisten krijgen twee keer per jaar een voortgangstoets. Dit om te kijken of er nog groei in zit. “Eind van het schooljaar houd ik individuele gesprekken om te kijken of het maximale resultaat is behaald of dat er nog dingen zijn die de cursist wil leren”, aldus Nienke. Cursisten krijgen maximaal drie jaar de tijd. De lessen worden door gemeente Hoogeveen betaald en zijn ook bedoeld voor mensen uit de EU, voor wie inburgering niet verplicht is. Een aantal cursisten doet officieel examen op niveau 1F, sommigen 2F. Nienke: “Niet iedereen haalt het certificaat. Maar daar gaat het ook niet om. Het allerbelangrijkst is dat mensen trots zijn op hun harde werken.”

Abracadabra
Een aantal cursisten heeft naast de wekelijkse les ook mee gedaan aan het project Abracadabra. Sandra en Eddy beginnen te stralen als het over Abracadabra gaat. Sandra vertelt enthousiast: “We hebben samen met enkele andere cursisten de publieksprijs gewonnen in de landelijke wedstrijd Tel mee met Taal. We hebben gewonnen met ons idee om een testpanel in te zetten om brieven van gemeenten te testen op ingewikkelde taal. We zijn drie avonden extra naar school gegaan. We hebben gekeken waar je tegenaan loopt bij brieven van de gemeente en hoe het voor laaggeletterden beter te begrijpen is.” Zie ook een eerder nieuwsbericht: Cursisten laaggeletterdheid winnen publieksprijs Tel mee met Taal.

Filmpje met tips
Samen met wethouder/locoburgemeester Gert Vos van gemeente Hoogeveen is een filmpje gemaakt waarin het Abracadabra-panel gemeenten drie ‘gouden’ tips geeft om brieven gemakkelijker te maken: zet het belangrijkste bovenaan in de brief, gebruik korte zinnen en zorg voor makkelijke woorden. In de winnende video laten ze samen met Gert Vos van gemeente Hoogeveen zien wat er voor laaggeleerden nodig is om makkelijker en beter mee te kunnen doen in onze samenleving.